Moeilijke gesprekken die je werkrelatie sterker maken | Brugge in't Echt Ga naar hoofdinhoud

Moeilijke gesprekken die je werkrelatie sterker maken

Onderzoek toont: moeilijke gesprekken voeren kan een werkrelatie versterken in plaats van beschadigen. Drie sleutels die in mijn praktijk in Brugge werken.

Wouter Barremaecker 8 min leestijd
Twee collega's in een open en eerlijk werkgesprek over een moeilijk thema

Een teamleider in Brugge belt me. Drie maanden geleden zou een gesprek met haar collega ontaarden in een ruzie die wekenlang doorzeurde. Schaduwgesprekken op de gang. Mailtjes met te veel toon en te weinig boodschap. Een team dat aanvoelde dat er iets schuurde, maar niet wist tussen wie. Vorige week voerden ze opnieuw zo’n gesprek. Even spannend, even ongemakkelijk. Maar deze keer eindigden ze met meer respect voor elkaar dan ervoor.

Wat was er anders? Niet de spanning. Niet de inhoud. Wel de manier waarop ze het aanpakte. En, niet onbelangrijk, het feit dat ze het deze keer durfde te voeren binnen drie dagen in plaats van uit te stellen tot het volledig was geëtterd.

Dit soort verschuiving zie ik vaak in mijn praktijk. En sinds vorig jaar is er ook stevig onderzoek dat het beeld bevestigt: een moeilijk gesprek hoeft een werkrelatie niet te beschadigen. Het kan ze versterken.

Wat het Binghamton-onderzoek vond

In februari 2025 publiceerde een team rond Danielle Dunne (Binghamton University School of Management) een studie in het Journal of Occupational and Organizational Psychology. Ze analyseerden 166 echte moeilijke werkgesprekken in de gezondheidszorg. Eenentwintig leidinggevenden en zeventien medewerkers vertelden over gesprekken die ze als zwaar of risicovol ervoeren.

De vraag van de onderzoekers: wat onderscheidt gesprekken die de relatie versterken van gesprekken die ze afbreken?

Het antwoord kwam neer op drie elementen:

  1. Het probleem expliciet bespreken
  2. Steun bieden aan de ander
  3. De toon bewaken

Klinkt simpel. Is het niet. Maar het is leerbaar, en dat is precies wat ik in deze post wil uitwerken.

1. Het probleem expliciet bespreken

Het eerste wat in de meeste mislukte gesprekken misgaat: het echte probleem komt nooit op tafel. Mensen draaien eromheen. Geven hints. Sturen een mail in plaats van langs te gaan. Of beginnen het gesprek over iets onschuldigs, in de hoop dat de boodschap toch wel zal landen.

Ik merk in mijn praktijk dat leidinggevenden hier vaak vastlopen. Niet uit onwil. Uit angst dat directheid hard zal overkomen. Dus verzachten ze tot het gesprek geen richting meer heeft.

Het Binghamton-onderzoek is daar duidelijk over: leiders die de moeilijkste kern eerst benoemen, krijgen vaker een opbouwend gesprek. Niet omdat ze hard zijn. Omdat ze duidelijk zijn.

“There are different ways from a leader’s perspective that you can develop a ‘shared reality’ by providing support or having an appropriate tone.”

Danielle Dunne, Associate Professor, Binghamton University School of Management

Een goede opening klinkt zelden gepolijst. Eerder zo: “Ik wil een gesprek voeren dat ik moeilijk vind, en ik wil dat we er beide niet vermoeider uit komen dan ervoor. Het gaat over X. Mag ik vertellen wat ik zie?”

Dat is geen toverzin. Het is gewoon een uitnodiging om samen naar hetzelfde onderwerp te kijken.

2. Steun bieden, ook als je iets zwaars zegt

Hier zit een paradox die veel leidinggevenden niet door hebben. Hoe zwaarder de inhoud, hoe meer steun de ander nodig heeft om die inhoud te kunnen ontvangen. Niet omdat ze zwak is. Omdat een mens die zich aangevallen voelt, ophoudt te luisteren.

Steun is niet hetzelfde als instemming. Je hoeft niet eens te zijn met wat de ander deed of zei. Steun betekent dat je laat merken dat de relatie en de persoon belangrijk blijven, ook tijdens een lastige boodschap.

In de praktijk klinkt dat als:

  • “Ik vertel je dit omdat ik denk dat je hier doorheen kan groeien.”
  • “Dit is moeilijk om te zeggen, en ik vermoed ook om te horen. Ik wil dat je weet dat ik in je werk blijf geloven.”
  • “Ik heb dit gesprek niet voor niets bewaard tot we samen waren. Een mail leek me niet juist.”

Dat soort zinnen lijkt klein. In een gespannen gesprek doen ze veel werk. Ze verlagen de drempel om te blijven. En blijven is de voorwaarde voor elke volgende stap.

Een leidinggevende en medewerker in gesprek aan een werktafel, met aandachtige lichaamstaal en wederzijds respect

3. De toon bewaken, niet de emotie verstoppen

Dit is misschien wel het meest verrassende stuk uit de Binghamton-studie. Onderzoekers vonden dat leiders die hun frustratie of zorg lieten zien, niet automatisch slechtere gesprekken hadden. Integendeel: emoties verbergen zorgde vaak voor onleesbaarheid en wantrouwen.

Wat de gesprekken liet ontsporen, was niet de emotie zelf. Het was de toon waarin de emotie naar buiten kwam.

Een leidinggevende vat het in de studie zo samen:

“If you just start yelling or slamming your hands down on the desk, then people feel afraid.”

En een andere:

“‘I’m concerned’ is different than coming out and saying, ‘Well, this just is not going to work.’”

“Ik maak me hier zorgen over” en “Dit kan zo niet door” zijn twee zinnen die ongeveer hetzelfde zeggen. Maar de eerste opent een gesprek. De tweede sluit het. Datzelfde verschil zie ik bij teams die ik begeleid in Brugge. Wie zijn toon kan kalibreren onder druk, voert betere gesprekken. Punt.

In de praktijk van verbindende communicatie noemen we dat zelfregulatie. Voor je iets uitspreekt, voel je waar het uit komt. Komt het uit boosheid die je nog moet ademen, dan wacht je even. Komt het uit een echte zorg, dan zeg je dat ook precies zo.

Wat als het toch ontspoort

Geen kader haalt elk gesprek over de meet. Soms loopt het ondanks goede voorbereiding mis. De ander reageert defensief. Of jij raakt geraakt en zegt iets wat je liever niet gezegd had. Dat hoort erbij. Het is geen reden om te concluderen dat een moeilijk gesprek hopeloos is.

Wat ik bij teams in Brugge zie werken in zo’n moment, is verrassend eenvoudig. Niet doorduwen, maar pauzeren.

Een zin als “Ik merk dat we nu allebei opgewonden raken, en ik denk dat we hier verder mee komen als we even een pauze nemen” doet vaak meer dan tien zinnen extra argument. Het is geen vlucht. Het is een keuze om de relatie te beschermen tegen iets dat je in vijf minuten niet gaat oplossen.

Als je het gesprek hervat, vaak een dag later, kan je beginnen met iets als: “Ik wil herhalen waar het me echt om gaat, en ik wil ook luisteren naar wat ik gisteren misschien gemist heb.” Twee zinnen, en de richting is anders.

Dit hoort bij wat ik verbindend communiceren bij conflict noem. Niet sneller zijn dan de ander. Wel duidelijker zijn dan de ruis in jezelf.

Wat ik er in mijn praktijk uit haal

Drie dingen vallen me op als ik dit onderzoek naast mijn eigen praktijk leg.

Een. Mensen overschatten het risico van directheid en onderschatten het risico van vermijding. Een gesprek dat je niet voert, kost in een team meer dan een gesprek dat je voert met respect. Daar schreef ik eerder over in conflictvermijding op het werk.

Twee. De volgorde van die drie elementen doet ertoe. Eerst inhoud benoemen. Dan steun bevestigen. Dan toon bewaken. Wie met steun begint zonder de inhoud te durven raken, voert geen gesprek maar een geruststelling. Wie met toon begint zonder iets te zeggen, klinkt strategisch in plaats van eerlijk.

Drie. Dit is geen techniek. Het is een houding. Mensen voelen het verschil tussen iemand die deze stappen volgt om over te komen als een goede leider, en iemand die deze stappen volgt omdat hij of zij de relatie echt belangrijk vindt. Het tweede werkt. Het eerste irriteert.

En een vierde, die het onderzoek niet expliciet noemt maar die ik in de meeste sterke teams terugzie: leiders die zo’n gesprek goed voeren, voeren het sneller. Niet impulsief, wel snel. Want elke week dat een gesprek wacht, neemt de toon van het uiteindelijke gesprek toe. Daar schreef ik eerder over onder de noemer conflictvermijding.

Een kleine oefening voor deze week

Denk aan een gesprek dat je al een tijdje uitstelt. Schrijf voor jezelf op:

  • Wat is het echte onderwerp? Niet de aanleiding, maar de kern.
  • Wat zou ik kunnen zeggen waaruit blijkt dat ik in de relatie blijf investeren?
  • In welke toon zou ik dit gesprek willen voeren, en wat heb ik nodig om die toon te halen?

Dan kies je een moment binnen drie werkdagen. Niet de gang, niet vlak voor het einde van de dag. Een rustige plek, een vol uur.

Wil je hier in een team in groeien? Ik werk in Brugge en heel West-Vlaanderen met teams die net dit soort gesprekken willen leren voeren. Vaak in een teamtraject of een gerichte sessie binnen een conflicttraject. Een gesprek meer, op de juiste manier, kan een team maanden vooruit helpen.


Bron: Dunne, D., Williams, C. E., Shumski Thomas, J., & Gooty, J. (2025). Onderzoek naar moeilijke gesprekken in werkrelaties. Gepubliceerd in Journal of Occupational and Organizational Psychology. Samenvatting via Binghamton University News, 12 februari 2025.

Veelgestelde vragen

Ja. Onderzoek van Binghamton University (2025) op 166 echte werkgesprekken laat zien dat een moeilijk gesprek de relatie tussen leider en medewerker kan versterken, als de leider de inhoud bespreekt, steun biedt en de toon bewaakt. Vermijding doet het omgekeerde.

Ja, mits constructief. Het Binghamton-onderzoek vond dat leiders hun zorg of teleurstelling mogen benoemen, op voorwaarde dat de toon passend blijft. 'Ik maak me hier zorgen over' werkt anders dan roepen of met de vuist op tafel slaan.

Een gedeelde realiteit ontstaat als beide gesprekspartners op hetzelfde beeld van de situatie uitkomen. Niet noodzakelijk dezelfde mening, wel dezelfde feiten en hetzelfde belang. Validatie en oprechte vragen zijn de twee tools die mensen daarheen brengen.

#moeilijke gesprekken #werkrelaties #leiderschap #verbindende communicatie #praktijkverhalen
WD

Wouter Barremaecker

Trainer & Coach Verbindende Communicatie

Wouter begeleidt teams en individuen in het ontwikkelen van effectievere communicatie en diepere verbinding.

Meer over Wouter →

GERELATEERDE ARTIKELEN

WILT U MEER LEREN?

Bekijk onze trainingen of neem contact op voor een vrijblijvend gesprek.